Posts tonen met het label bijbel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bijbel. Alle posts tonen

maandag 21 november 2011

Voelde je je niet een beetje l*llig, toen Jezus aan je verscheen?

"Zeg, Thomas, voelde je je niet een beetje l*llig, toen Jezus een week later aan je verscheen, en precies voorstelde, wat jij had gezegd?"

Gisteren kwam onze huisgroep bij elkaar. Johannes 21 - de opstanding van Jezus stond centraal. We bekeken het verhaal op DVD. Daarna lazen we het aan elkaar voor. En toen bleken we twee gasten (vrijwilligers ;-) in ons midden te hebben - Maria van Magdala en (ongelovige?) Thomas. We mochten ze alles vragen naar aanleiding van hun ervaring in dat bijbelgedeelte. "Wat dacht je Maria? Die twee discipelen lieten je gewoon staan." "Had Jezus niet gezegd dat -ie zou opstaan?" "Voelde je niet in de steek gelaten, toen je bij dat lege graf stond?" "Thomas, jij was er die eerste keer niet bij, toen Jezus de Heilige Geest blies over zijn leerlingen. Heb de Geest wel?"

Afgelopen vrijdag was ik op bezoek bij Bram van IFES. Hij heeft me allerlei inspiratie gegeven om betrokken bijbel te lezen. Bovenstaand interview is een van die manieren. Meteen maar uitgeprobeerd dus.

Wat voor creatieve manieren gebruik jij om betrokken bijbel te lezen met groepen?

vrijdag 7 januari 2011

Dagblad de Pers: Apple-fans lijken op christenen

Apple-fans lijken op christenen kopt dagblad de Pers. Laat ik daar, als kleine profeet, nou net vorige week over gesproken hebben.

Apple verkoopt allang geen iPads meer, maar geluk en identiteit en doet dat door een verhaal te vertellen. En natuurlijk staat Apple daar niet alleen in. Dit is wat de marketing doet: betekenis verkopen aan mensen. Een van de punten die ook Alan Hirsch in The Forgotten Ways aanhaalt. Ik denk, dat we ons veel te weinig bewust zijn van de impact die marketing verhalen op ons hebben. Ze beloven ons geluk en geconditioneerd als Pavlov hondjes lopen we er op af. Maar op het moment dat we als die Pavlov hondjes beginnen te kwijlen, ontnemen diezelfde marketeers ons het geluk, door te wijzen op een nog groter (?) geluk. En zo levert het beloofde geluk ontevreden mensen op. En met identiteit gaat het nog dieper. De belofte naar identiteit mag uit marketing oogpunt nooit worden vervuld, want dat zou het einde van de verkoop betekenen.

De voortdurende uitdaging voor volgelingen van Jezus is dus om dat andere verhaal te vertellen. En dat is een concurrerend verhaal, dat op gespannen voet staat met de verhalen om ons heen. In de woorden van Hauerwas: Preaching as though we had enemies.

maandag 1 november 2010

Het hemd van de Koning (5) - Het verhaal

Onze kleding vertelt wie we zijn, of bedekt wie we zijn. Onze kleding vertelt waar we trots op zijn, of verbergt waar we ons voor schamen.

De afgelopen dagen heb ik een aantal blogs geschreven die in ruwe streken het verhaal van de bijbel over schaamte vertellen. Vandaag het verhaal op een rijtje.

Een van de eerste verhalen in de bijbel gaat over Adam en Eva. Wanneer God hen opzoekt, verbergen ze zich voor hem. Maar hij roept ze tevoorschijn en vraagt waarom ze zich verborgen hielden. Wat is hun antwoord? “We werden bang, omdat we naakt zijn.” Diepe schaamte. “We hebben niets om aan te doen.”

Wij zijn allemaal kinderen van Adam en Eva. Onze angst om ontdekt te worden, naakt gevonden te worden is dus – volgens de bijbel – terecht. Als onze schaamte terecht is, dan komen we daar dus zelf niet vanaf. Dan helpen onze kleren dus niet echt, dan zijn het uiteindelijk de kleren van de keizer.

Maar de bijbel stopt niet bij Adam en Eva.

Na hen koos God Abraham. Hij zei tegen hem: “In jou zullen alle volken gezegend worden. Uit jouw nageslacht zullen koningen voortkomen.” Uit Abraham kwam het volk Israël voort. God zei tegen hen: “Ik maak van jullie een koninkrijk van priesters.” En zo roept het verhaal van Adam en Eva, Abraham en Israël het verlangen op naar nieuwe kleren. Verlangen naar koninklijke kleren. Naar een dag waarop wij de schaamte voorbij mogen zijn. Maar wie de geschiedenis van Israël leest, vindt weinig kleren om aan te trekken.

Maar dan komt Jezus. God zegt tegen hem: “Jij bent mijn Geliefde Zoon.” Mijn geliefde Zoon, dat is de titel voor een koning. En in alles wat hij doet, laat hij zien, dat hij die titel en die kleding waardig is. In zijn spreken, in zijn oordelen, in zijn woorden en in zijn daden. Hij is de koning.

Tot op de dag van zijn kruisiging. Dat is de dag waarop soldaten hem de kleren van het lijf scheuren. Een lendendoek? Ik weet het niet. De kruisdood was bovenal bedoeld als een schaamtevolle dood. Bedoeld om die ander te onteren, schaamtevol te laten sterven.

Onder aan het kruis verloten de soldaten Jezus onderkleed, zijn hemd. Een van hen zal voortaan gekleed gaan in zijn kleren.

Maar hangt Jezus daar niet op de positie waar wij het meest bang voor zijn. Zichtbaar voor mensen, zichtbaar voor God, zonder iets om zichzelf te bedekken. Tentoongesteld, zonder mogelijkheid om te vluchten. Is de schaamte die hem ten deel valt, niet onze schaamte?

Maar schaamte hoeft maar één keer tentoongesteld te worden. Wanneer iedereen het heeft gezien, dan is het genoeg.

En dit is dan de boodschap van de bijbel: Jezus heeft onze schaamte al gedragen. Jezus heeft de vloek al gedragen. En onder aan het kruis ligt dat hemd. Het hemd van de koning. Het hemd van de Zoon van God. Nieuwe kleren. Een nieuwe identiteit, de identiteit van de Koning.

En de doop is niets minder dan een uitspelen (enacting) van dit alles.

P.S. de foto is afkomstig van de website van Coen Wessels.

vrijdag 29 oktober 2010

Het hemd van de Koning (4) - Eerst schaamte dan schuld


Onze cultuur wordt steeds meer in een schaamtecultuur. Ik hoop, dat ik sinds vorige week een verhaallijn in de bijbel te pakken heb, die hier alles mee te maken heeft. Ik had dus Entdeckungsfreude.

Een treffend beeld voor schaamte is naaktheid. Een van de eerste verhalen in de bijbel gaat over Adam en Eva. Wanneer God hen opzoekt, verbergen ze zich voor hem. Maar hij roept ze tevoorschijn en vraagt waarom ze zich verborgen hielden. Wat is hun antwoord? “We werden bang, omdat we naakt zijn.” Diepe schaamte. “We hebben niets om aan te doen.”

In de kerk wordt vaak de nadruk gelegd op de schuld van Adam en Eva. Ze hadden immers Gods gebod overtreden. Ze hadden gegeten van de boom waarvan God hen verboden had te eten. Maar, het eerste wat Adam en Eva ervaren is niet schuld, maar schaamte. Natuurlijk valt er veel te zeggen over schuld, maar toch minstens zoveel over schaamte?

En, als wij allemaal kinderen van Adam en Eva zijn, wat betekent het dan, dat we door de doop met Christus bekleed worden? Toch, dat hij onze schaamte bedekt? Zoals ik het nu opschrijf, is dat nog een "naakte" waarheid, maar het is toch niet zo moeilijk om die aan te kleden met onze dagelijkse realiteit?

Hier vind je de eerdere blogs over dit onderwerp: deel 1, deel 2, deel 3.

donderdag 28 oktober 2010

Het hemd van de Koning (3) - De doop

Keeping up appearances. Imago, imagoschade en imagoprobleem. Een onbevlekt blazoen. Allemaal woorden die te maken hebben met schaamte en identiteit.

Paulus schrijft in zijn brief aan de Galaten over mensen die met Christus bekleed zijn. En concludeerde ik in mijn vorige blog: wie bekleed is met Christus, is niet langer naakt. En deelt dus in het imago van Christus.

Tijd om even stil te staan bij de historische achtergrond van de uitdrukking bekleed met Christus. In andere brieven gebruikt Paulus vergelijkbare uitdrukkingen. Ik noem een voorbeeld; Kolossenzen 3:
9 Bedrieg elkaar niet, nu u de oude mens en zijn leefwijze afgelegd hebt 10 en de nieuwe mens hebt aangetrokken, die steeds vernieuwd wordt naar het beeld van zijn schepper en zo tot inzicht komt. 11 Dan is er geen sprake meer van Grieken of Joden, besnedenen of onbesnedenen, barbaren, Skythen, slaven of vrijen, maar dan is Christus alles in allen. 12 Omdat God u heeft uitgekozen, omdat u zijn heiligen bent en hij u liefheeft, moet u zich kleden in innig medeleven, in goedheid, bescheidenheid, zachtmoedigheid en geduld. 13 Verdraag elkaar en vergeef elkaar als iemand een ander iets te verwijten heeft; zoals de Heer u vergeven heeft, moet u elkaar vergeven. 14 En bovenal, kleed u in de liefde, dat is de band die u tot een volmaakte eenheid maakt.
Paulus roept bij zijn hoorders hun doop in herinnering. Bij de doop legden de mensen hun oude kleren af, werden gedoopt en deden vervolgens hun nieuwe kleren aan. Iets nadrukkelijker: ze deden hun oude, versleten en vieze kleren uit, werden zelf ook schoongewassen en deden vervolgens nieuwe kleren aan. En zo vertelde de doop in een notendop het verhaal van het goede nieuws van Jezus. 

Meer nog, met de doop werd de dopeling een bewuste participant (acteur) in Gods drama van schepping naar herschepping, maar ook Gods drama van schaamte naar aanvaarding. En zo'n acteur doet dus de kleren aan die bij hem passen - en leeft zich meer en meer in zijn rol in. En volgens de bijbel is dat altijd een tweezijdige actie - aandoen door de mens enerzijds, en anderzijds door de Heilige Geest vernieuwd worden naar het beeld van zijn schepper.

dinsdag 26 oktober 2010

Het hemd van de Koning (2) - Angst om naakt te zijn


Bijna iedereen kent het verhaal van de kleren van de keizer.

Maar stel je voor, het was andersom. Niet de keizer staat zonder kleren, maar jij. Stel je voor, je komt op bezoek bij de keizer. Je staat in een grote hal voor de troonzaal. De twee grote deuren er naar toe zijn gesloten. Dan gaat de klink van een van de deuren omlaag en langzaam zwaaien de deuren open. En opeens kijk je naar jezelf en je ontdekt: ik heb niets aan. Je bent naakt, vuil. De deuren zwaaien open. Je kunt niet weg en je hebt niets aan. In de verte doemt de troon op en erom heen zie je de hofhouding staan.

Voor sommigen is bovenstaande, in allerlei varianten, een letterlijke nachtmerrie. En, het is een droom die alles te maken heeft met (diep weggestopte) schaamte.

Toen ik de bijbeltekst “bekleed met Christus” met dit voorbeeld verbond, had ik een eerste lijntje te pakken van het bijbelse verhaal over schaamte. Want, wie bekleed is met Christus, is niet langer naakt. En meer nog, die deelt in het imago van Christus. Misschien nog een keer, want het klinkt simpel, maar dat is het niet: wie bekleed is met Christus is niet langer naakt. Onze angst om naakt gevonden te worden is een van onze diepste angsten. Christus bedekt onze schaamte.

zondag 24 oktober 2010

Het hemd van de Koning (1) - Aanleiding

Het verhaal gaat, dat Arthur Conan Doyle, de schrijver van Sherlock Holmes, een telegram schreef naar een aantal mensen in London. Mensen die goed bekend stonden. Anoniem schreef hij hen: “Vlucht – Alles is aan het licht gekomen.” En in de dagen erna verdween een aantal van hen spoorloos.

Of het waar is, weet ik niet. Maar het spreekt me aan. Wat zou ik doen als ik zo’n brief zou ontvangen? Zou het kunnen, dat ik me dingen zou herinneren, waarvoor ik me zou schamen? Dingen die ik zelfs voor mezelf diep verborgen houd?

Volgens sommige mensen heb je enerzijds schuld- en anderzijds schaamteculturen. En verandert onze cultuur steeds meer in een schaamtecultuur. Ik vond dat altijd een interessante gedachte, toch kon ik het niet goed praktisch of concreet maken. Maar ik geloof, dat ik sinds vorige week een verhaallijn in de bijbel te pakken heb, die hier alles mee te maken heeft. Ik had dus Entdeckungsfreude.

Het begon met een bijbeltekst uit Galaten 3:27: bekleed met Christus.

In de komende dagen schrijf ik een aantal blogs die in ruwe streken het verhaal van de bijbel over schaamte vertellen.

donderdag 24 juni 2010

Het geloof van Jezus (2)


De HSV spreekt in Galaten 2:16 onbekommerd over het geloof van Jezus. Helaas is de HSV niet consequent en lijkt ze terug te schrikken. Mijn papieren versie van de HSV heeft de uitdrukking geloof van Jezus Christus namelijk vaker dan de tekst die op dit moment online beschikbaar is. 

In Galaten 3:22 vertaalt mijn papieren HSV pistis Christou Iesou met geloof van Christus Jezus:
Maar de Schrift heeft alles onder de zonde opgesloten, opdat de belofte uit het geloof van Jezus Christus aan de gelovigen gegeven zou worden.
In de online versie is het echter geloof in Jezus Christus. In Romeinen 3:21-22 werd ook op papier voor deze vertaling gekozen:
Maar nu is zonder de wet gerechtigheid van God geopenbaard, waarvan door de wet en de profeten is getuigd: namelijk gerechtigheid van God door het geloof in Jezus Christus, tot allen en over allen die geloven, want er is geen onderscheid.
De uitdrukking is echter ook hier pistis Christou Iesou. Dus waarom niet zo vertaald:
Maar nu is zonder de wet gerechtigheid van God geopenbaard, waarvan door de wet en de profeten is getuigd: namelijk gerechtigheid van God door het geloof van Jezus Christus, tot allen en over allen die geloven, want er is geen onderscheid.
Deze vertaling zou concordant zijn (consequent vertaald) - volgens mij een belangrijk vertaalprincipe van de HSV. Ze is ook geen noviteit; de King James Version, zeg maar de Statenvertaling van de Engelstalige wereld, doet het al eeuwen zo.

Bovendien geeft deze vertaling een goede betekenis aan de tekst. God had Abraham uitgekozen om zijn volk te zijn en om tot zegen te zijn voor de volken (Genesis 12:1-3). Zijn nakomelingen waren bedoeld tot licht voor de volken. Maar Israël verwierp God. Ze werden geen licht voor de volken, ze werden net als de volken. Gods oplossing werd deel van het probleem. Vanwege hen werd Gods naam gelasterd (Romeinen 2:17-29). Doet hun ontrouw nu Gods trouw teniet (Romeinen 3:1-4)? Nee, want nu is er een Israëliet gevonden die trouw is aan Gods beloften. Een Israëliet die Gods licht laat zien aan de volken: Jezus. Door Jezus' trouw toont God zijn gerechtigheid - zijn trouw aan de beloften van het verbond.

Gods gerechtigheid uitleggen als Gods verbondstrouw roept wel een nieuwe serie vragen op, want met die uitleg belanden we in het gesprek rond de zogenaamde New Perspective on Paul. En de HSV zal zich wel niet in die discussie willen mengen. De uitleg hierboven vond ik echter in Tim Chester - The ordinary hero (pagina 28-29) en hij geeft in het volgende paper een gebalanceerde kritiek op de New Perspective on Paul. Dus kom op HSV-vertalers, wees niet bang.

woensdag 23 juni 2010

Het geloof van Jezus

De HSV (ik bedoel HSV - de Herziene Statenvertaling) is af en toe spannender vertaald dan de NBV. Vergelijk de volgende twee teksten maar eens:

Galaten 2:15-15 in de NBV
15 Hoewel wij Joden van geboorte zijn en geen zondaars uit andere volken, 16 weten we dat niemand als rechtvaardige wordt aangenomen door de wet na te leven, maar door het geloof in Jezus Christus. Ook wij zijn tot geloof in Christus Jezus gekomen om daardoor, en niet door de wet, rechtvaardig te worden, want niemand wordt rechtvaardig door de wet na te leven.
En nu Galaten 2:15-16 in de HSV:
15 Wij, die van nature Joden zijn, en geen zondaars uit de heidenen, 16 weten dat een mens niet gerechtvaardigd wordt uit werken van de wet, maar door het geloof van Jezus Christus. En ook wij zijn in Christus Jezus gaan geloven, opdat wij gerechtvaardigd zouden worden uit het geloof van Christus en niet uit werken van de wet. Immers, uit werken van de wet wordt geen vlees gerechtvaardigd.
De HSV spreekt dus over het geloof van Jezus Christus. Lees je dat goed? Het geloof van Jezus? Geloofde Jezus? 

Het geloof van Christus Jezus is een vertaling die "technisch" mogelijk is. In het Grieks staat er immers pistis Christou Iesou. en niet pistis en Christooi Iesou. Die laatste uitdrukking vind je bijvoorbeeld in Gal 3:26. Pistis Christou Iesou vertalen als het geloof van Jezus Christus heeft de laatste jaren sterkere papieren heeft gekregen.  De vooraanstaande Pauluskenner Richard Hays maakte een sterke casus voor deze vertaling, die bijvoorbeeld ook door Tom Wright is overgenomen. Geloof staat hier niet voor geloofsovertuiging, laat staan dat geloof hier het tegenovergestelde van zeker weten betekent. Geloof staat voor trouw en gehoorzaamheid.

Opmerkelijk genoeg klinkt deze vertaling behoorlijk orthodox: door Jezus trouw en gehoorzaamheid worden wij gered. Zo orthodox, dat zelfs Lutherse theologen er mee uit de voeten kunnen. Ik vraag me dus af, waarom de online versie van de HSV op dit punt afwijkt van de versie die ik in druk heb. Online is immers de eerste "geloof van Jezus Christus" weer ouderwets "geloof in Jezus Christus" vertaald.

P.S. Voor Lutheranen is een uitleg van Galaten die in het verlengde van Luther ligt, de lakmoesproef van orthodoxie. Galaten vormt het centrum van de Lutherse uitleg van de bijbel. De centrale vraag bij elke bijbeluitleg is voor hen: blijft het sola gratia?

dinsdag 15 juni 2010

God en elkaar liefhebben (6) - door te vieren

Samen Jezus volgen betekent God en elkaar liefhebben. Deze ene opdracht doen we door te vieren, te volgen en te vertellen. Vandaag een toelichting op het eerste werkwoord: vieren. 


Vieren is doop en avondmaal, bijbellezen, lofprijzing, bijbelstudie, enzovoorts (nb: klik hier voor deel 1 van deze serie).

Vieren is alles wat primair erop gericht is te vieren dat Jezus Heer is.

Vieren is alles wat ons laat beseffen dat we deel uitmaken van Gods verhaal. Alles wat ons het script van Gods Koninkrijk laat ontdekken. Alles wat ons helpt ontdekken dat we onderdeel zijn van Gods symfonie in vijf, of zo je wilt zes delen: schepping, zondeval, Abraham en Israël, (de intertestamentaire periode,) Jezus, de kerk. Wij zijn door Jezus opgenomen in een verhaal dat is begonnen met de schepping van hemel en aarde en uitloopt op een nieuwe hemel en aarde, de plaats waar God mensen en volken uitnodigt bij hem aan tafel, met Jezus als gastheer.

Ik kies voor het woord vieren, omdat de bijbel een goed verhaal vertelt. In verdriet treuren wij, maar niet als mensen zonder hoop.


Ik kies ook voor het woord verhaal. Voor sommige mensen besmet met de connotatie dat verhaal betekent, dat het niet echt gebeurd is. Maar ik vind, dat we ons het goede niet moeten laten ontnemen. Voor wie moeite met het woord heeft, lees deze blog-entry of kijk in de literatuur hieronder. Verhaal staat niet tegenover waarheid of echt gebeurd. Verhaal staat tegenover tijdloze propositie. De narratieve benadering van de werkelijkheid staat tegenover een beschrijving die uitgaat van een eeuwige, onveranderlijke werkelijkheid.


Doop en avondmaal zijn handelingen die ons heel bewust in Gods verhaal introduceren.


Tom Wright heeft me geleerd, dat bijbellezen ook lofprijzing is. Bijbelstudie en bijbellezen zijn niet alleen bedoeld voor mij om er wat uit te halen. Ze zijn ook gericht op God. Ze zijn als de mooie verhalen die mensen ophalen op een jubileum. Natuurlijk kent de jubilaris de verhalen. Maar het ophalen van herinneringen verhoogt juist de feestvreugde. Juist daarmee laat je zien hoe zeer je met elkaar verbonden bent en de ander liefhebt.


Ik denk, dat goed vieren ons vormt naar Gods verhaal. Goed vieren helpt ons - door de Heilige Geest - te zien dat dit Gods werkelijkheid is en dat hij ons vraagt om ons hierin in te passen.

Achtergrondmateriaal:
Goheen and Bartholomew – The Drama of Scripture
Chris Wright – The Mission of God

donderdag 31 december 2009

Bijbel Lezen

Onder het geknal van een 10000 klapper, eindig ik mijn bijbellezing voor vandaag: Openbaring 22. Samen met een paar vrienden volg ik sinds ruim een jaar het bijbelleesrooster van McCheyne, aangepast door Don Carson. Twee hoofdstukken per dag. Ze zorgen ervoor dat ik elk jaar het NT en de Psalmen lees en in twee jaar het OT.

Ik vind het erg inspirerend om zo elke dag te lezen. Ter illustratie: tijdens de klimaatconferentie in Kopenhagen las ik Openbaring. Al die plagen en al het oordeel vormden een bijna surrealistisch commentaar.

Het rooster vind je hier. Wellicht iets voor goede voornemens? Ik begin vanaf morgen bij jaar 2 (Ezra 1 en Handelingen 1).

woensdag 4 november 2009

Geld, God en Goed

Deze week samen bijbelgelezen. Verhaal van “de rijke jongeling.” Zou jij het doen, al je geld weggeven? Kan God dit ook van mij vragen?

Als eerste: dit is zo'n bijbeltekst die veel mensen waarschijnlijk heel goed begrijpen. Dat is het echte probleem. En als tweede: misschien is beginnen met de vraag "hoe zit dat met mijn geld, kan God dit vragen," uiteindelijk beginnen aan het verkeerde einde. Want dat is niet de vraag waar Jezus mee begint. Hij vraagt namelijk eerst: “Waarom noemt u mij goed? Niemand is goed, behalve God.” En daar zit volgens mij de crux. Waarom noemt u mij goed? Waarom noemt u God goed? Hoezo goed en hoe goed dan wel?


Hoe stellen we ons God zo goed voor, dat het weggeven van je geld geen probleem meer is.

De reclame lukt het aldoor. Deze vakantie wordt zo goed, daar geef ik 2000 euro aan uit. Deze auto is zo goed, daar spendeer ik 20.000 euro aan.. Dit huis is zo goed, daar betaal ik 200.000 euro voor (en dan nog de kosten koper). God is zo goed, daar heb ik...

How do we make God look beautiful?

Piper is altijd recht voor de raap en in deze sermon jam stelt hij dezelfde vragen:

woensdag 13 mei 2009

Jezus Volgen = Vieren, Vormen en Verspreiden

Matteüs 28:18-20 Jezus kwam op hen toe en zei: ‘Mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde. 19 Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen, door hen te dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest, 20 en hun te leren dat ze zich moeten houden aan alles wat ik jullie opgedragen heb. En houd dit voor ogen: ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld.’

Dit is het slot van het evangelie van Matteüs. Wanneer je het begin van dit boek goed begrijpt, weet je dat het hier wel op uit moest lopen. Matteus 1:1: Jezus is de zoon van Abraham. God had Abraham gekozen om tot zegen te zijn voor alle volken. Jezus is de zoon van David. God had David uitgekozen om koning te zijn over Abrahams volk. Aan het begin van Matteüs verkeert Israël echter nog in ballingschap, onder de vloek van Deuteronomium. Het is immers veertien generaties van de ballingschap tot Jezus – maar dus nog steeds ballingschap. Jezus is gekomen als zoon van Abraham en zoon van David. Eerst moet hij dit volk bevrijden van schuld, dat is ook de betekenis van zijn naam. Matteus vertelt dus hoe Jezus zijn volk gaat bevrijden. In hoofdstuk 28 zijn we aan het slot van zijn boek. Door Goede Vrijdag en Pasen heeft Jezus zijn volk bevrijd. Gods Koninkrijk is gekomen. En dus kan nu Gods volk weer tot zegen zijn en het goede nieuws verspreiden.

Deze slottekst uit Matteüs vertelt dat volgelingen van Jezus zich kunnen concentreren op drie zaken: vieren, vormen en verspreiden.

Jezus Volgen is Vieren. Matteüs vertelt Gods grote daden. Op een goed feest vertel je elkaar verhalen die je allang kent, maar juist daardoor wordt het feest. Door de bijbel te verkennen en ons hierin te verdiepen vieren we het verhaal dat Jezus Heer is geworden. We vieren Jezus’ heerschappij ook met doop en avondmaal. Doop en avondmaal maken ons ook deel van het verhaal van Gods Koninkrijk.

Jezus Volgen is Vormen. “Leer ze onderhouden alles wat ik jullie heb opgedragen.” Wanneer wij deel uitmaken van Gods verhaal, mogen we daar ook onze rol in spelen. Vieren betekent ook het grote script ontdekken. Vormen is vervolgens onze rol in het script van Gods Koninkrijk “uitspelen.” Vormen, met Jezus’ als voorbeeld.
Concreet kun je denken aan de Bergrede of delen als Matteus 18 en 25. Jezus zendt daarbij geen individuen uit maar een groep. Het gaat dus niet alleen om het vormen van mensen, het doel is missionaire of spirituele gemeenschapsvorming.

Jezus Volgen is ook Verspreiden. "Ga dus op weg..." Het goede nieuws dat Jezus alle macht in hemel en op aarde heeft moet verspreid worden. Een gemeenschap die het Koninkrijk “uitleeft” is niet voldoende. Die gemeenschap moet ook bewust naar anderen gaan om hen
uit te dagen deel uit te gaan maken van het Koninkrijk.. Naar anderen gaan betekent "incarneren" in het wereldbeeld van de ander. Naar anderen gaan betekent Jezus volgen op de weg van gastvrijheid en verzoening.

donderdag 7 februari 2008

Roodkapje - The Sequel



Je zit in de bioscoop en kijkt naar een geweldig verhaal. Er is een nieuwe verfilming van Roodkapje uit. Moeder heeft Roodkapje er op uitgestuurd naar oma. Oma is ziek. Moeder heeft Roodkapje een mandje met eten meegegeven. Roodkapje moet door het bos naar oma en dat is gevaarlijk, want in het bos woont de grote boze wolf. Ondanks de waarschuwingen eet de grote boze wolf Roodkapje uiteindelijk toch op. Gelukkig was dat niet het einde. Een stoere jager bevrijdt Roodkapje uit de buik van de wolf. En zo kan Roodkapje toch nog haar eten bij oma brengen. Eind goed, al goed.

Misschien zou jij nog op details willen wijzen. Oma wordt ook opgegeten. De wolf komt uiteindelijk aan zijn eindje. Maar het gaat me om de grote lijn. Het begin: moeder stuurt Roodkapje om eten te brengen aan oma. Dat begin is ook het einde: Roodkapje brengt succesvol eten aan oma. En het middenstuk: de jager bevrijdt Roodkapje van de wolf.

Stel je nu eens deze rolverdeling voor:
* God is de moeder.
* Ik ben oma.
* En Jezus is Roodkapje.
* Wat zit er dan in het mandje? Mijn vergeving van zonden.
* Wie is de wolf? Farizeeën en de schriftgeleerden en misschien ook nog de duivel.
* Wie is dan de jager? Daar moest ik wat langer over nadenken. Maar wat dacht je hiervan: de bijbel en de Heilige Geest en Gods beloften.

Dan klopt het verhaal. God stuurt Jezus om ons vergeving van zonden te brengen – ik lig ziek in bed. De Farizeeën en de duivel proberen Jezus tegen te houden. Maar Jezus gebruikt de bijbel en de Heilige Geest en zo kan hij ze tegenhouden. Toch lijken de Farizeeën en de duivel te winnen: Jezus sterft zoals Roodkapje werd opgegeten door de grote boze wolf. Maar gelukkig door Gods belofte wordt Jezus opgewekt en kan hij mij toch nog vergeving van zonden brengen.


Klopt dit verhaal?


Het grootste probleem voor mij is, dat dit verhaal af is. Ik bedoel: afgelopen. Eigenlijk zitten wij nu met zijn allen alleen nog maar naar de aftiteling kijken. Samen onderweg, maar dan wel samen onderweg naar de popcorn in de hal van Pathe. Veel meer kun je niet meer doen. Je kunt nog napraten over het verhaal, maar dat was het dan ook.

Nog een probleem: oma. Oma ligt dat hele verhaal in bed. Oma doet eigenlijk niks. Wat moet oma anders doen, beetje breien misschien. Dat is precies het probleem van veel mensen. Wat moeten wij nu doen als christenen?

Ik stel daarom een andere rolverdeling voor, eentje die veel spannender is.

* God is opnieuw de moeder.
* Maar nu is Jezus niet langer Roodkapje, maar wij zijn Roodkapje. En met wij bedoel ik de mensheid, de mensen sinds Adam en Eva.
* Wie speelt er dan oma? Wat zit er dan in het mandje? Laat ik dat eens even openlaten.
* Het is wel meteen duidelijk wie nu de jager is: Jezus.
* En de grote boze wolf? Zonde, dood en duivel.
Moeder stuurt Roodkapje naar oma in bed. Roodkapje is onderweg, dat klinkt al een stuk actiever dan oma in bed.
Zoals de jager Roodkapje bevrijdt uit de buik van de wolf, zo bevrijdt Jezus ons van zonde, dood en duivel. Maar wat moest Roodkapje nog doen, nadat ze uit de buik van de wolf was gesprongen?

Je zit in de bioscoop en je kijkt naar de nieuwe verfilming van Roodkapje. De film eindigt op het moment, dat Roodkapje uit de buik van de wolf springt. Dan eindigt de film. Wordt vervolgd, want er moet nog wat gebeuren. Roodkapje is bevrijd uit de buik van de wolf, maar ze moet nog wel het mandje bij oma brengen. Roodkapje part I. To be continued. Maar door wie. Kijk eens naar de rolverdeling. Wij zijn Roodkapje. Wij zijn samen onderweg naar oma. Wat zit er in het mandje? Wie is oma?

woensdag 12 december 2007

De toekomst is al begonnen

Stel je voor dit kerkgebouw was de hele wereld. Dan zouden we allemaal eigenlijk min of meer in de rij staan voor de uitgang. Maar, we zouden niet weten wat er na de uitgang komt. Want er is nog nooit iemand geweest, die door de uitgang naar buiten is gegaan en terug is gekomen.

Dit kerkgebouw is de wereld en we glibberen naar de uitgang. Sommige mensen staan best stevig en hebben het eigenlijk best goed naar hun zin. De uitgang is nog ver weg, je kunt hem niet eens zien. Anderen glijden opeens uit en zijn weg.

Wat zou er buiten zijn? Is er wel een buiten? Misschien is er wel helemaal niets na de uitgang. Er zijn mensen, die hebben hun oor tegen de muur aangelegd. Ze zeggen, dat ze stemmen horen daar buiten. Anderen zeggen dat het daar buiten pas echt begint. Weer anderen zeggen, dat je wanneer je naar buiten gaat, je weer terugkomt, maar dan als lampje aan het plafond.

Maar wie kun je vertrouwen? Niemand van ons nog ooit buiten geweest. Wie kan je nu echt vertrouwen op wat hier buiten is en of er een buiten is. Want hoe slim mensen ook zijn, hoe sterk hun redeneringen ook zijn. Ze zijn niet buiten geweest.

Maar nu is er iemand van wie we weten, dat hij door de uitgang naar buiten is gegaan. Sterker nog: hij is met geweld naar buiten geduwd. Er is iemand die naar buiten is gegaan maar na drie dagen is hij hier, weer binnen in dit gebouw verschenen.

Hij zegt dat hij door de uitgang naar buiten is gegaan. En we kunnen het niet ontkennen. We zien de sporen aan zijn lichaam. En nu is hij weer opnieuw hier. Hij is hier binnen. Je pakt hem beet en je voelt hij is zo echt. En hij eet en hij drinkt. Hij is echt terug binnen.

Stel hij zou zeggen: “Wanneer je op mij vertrouwt, hoef je niet bang te zijn voor wat er na de uitgang gebeurt, want ik breng je terug naar binnen op een dag en dan maak ik hier alles nieuw.”

Het zou kunnen, dat hij bluft. Zelfs wanneer je niet ontkent, dat hij door de uitgang is gegaan en nu weer hier is. Het is maar afwachten of hij dat kunstje ook voor jou kan. Maar, aan de andere kant, hij heeft meer recht van spreken dan al die mensen binnen met hun theorietjes die zelf nooit buiten zijn geweest.

Stel diegene zou zeggen: “Wanneer je op mij vertrouwt, hoef je niet bang te zijn voor wat er na de uitgang gebeurt. Ik breng je op een dag je terug naar binnen.”

Misschien denk je, wat hem is overkomen is als een donderslag bij heldere hemel, volkomen onverwacht. Dat je je overvallen voelt is niet zo gek – want wie verwacht nu dat er echt iemand terug naar binnen komt – maar dan zegt hij: “Wat er met mij gebeurd is, is niet iets onverwachts. Dit past precies bij allerlei andere dingen die hier binnen al gebeurd zijn. En het past ook precies bij allerlei dingen die van te voren al gezegd zijn.” Als dat echt zo is, dan is het dus en geen incident en is de kans dat -ie bluft dat -ie het voor jou kan doen ook een stuk kleiner.

Dit is de toekomstverwachting van de bijbel:“Wanneer je op mij vertrouwt, hoef je niet bang te zijn voor wat er na de uitgang gebeurt, want ik kom terug, maak alle dingen nieuw en ik breng ook jou terug.”

donderdag 6 december 2007

Ben jij ook zo'n zielig lammetje?


Er zat al een brok in de keel bij Simon de Farizeeër, nadat Jezus het verhaal van het verloren schaap had verteld. Hij zag het helemaal voor zich. Dat arme lammetje.

Het was zo’n mooie dag. De zon scheen en er waren van die mooi witte schapenwolken aan de hemel. Het gras was zo mooi groen. Toen Poekie zijn buikje bijna vol had, zag hij opeens dat lieve vlindertjes. Wat had het mooie kleuren. Poekie ging kijken. Hij kwam met zijn snuitje heel dicht bij. Hups, daar vloog het vlindertje weg. Poekie huppelde er achterna. Weer heel dicht bij met zijn snuitje. Weer vloog de vlinder weg. Wat een leuk spelletje. En zo ging het door. Toen vloog het vlindertje opeens weg, helemaal naar boven.

Poekie keek om zich heen. Hij schrok. Waar was zijn moeder? Waar waren alle andere schapen? Hij was helemaal alleen. Ongemerkt was hij weggeraakt van de kudde.

Poekie blaatte zo hard als hij kon, maar hij hoorde geen enkel ander schaap.

Inmiddels begon het donker te worden en in het Midden Oosten gaat dat veel sneller donker dan bij ons. Nu begon Poekie bang te worden. Poekie begon te rennen. Eerst kwam hij met zijn vachtje vast te zitten in de doornstruiken. Wild rukte hij zich los. Hij zette het opnieuw op een lopen en toen... Toen struikelde hij, viel in een gat en brak zijn linker voorpootje.

Daar lag -ie. Helemaal alleen. Straks zou het helemaal donker worden. Misschien zouden er straks wel wilde dieren komen. Poekie begon zachtjes te huilen.

Simon de Farizeeër had een brok in zijn keel. Hij zag het helemaal voor zich. Dat arme lammetje. Hij dacht: “Ik lijk zelf ook wel op dat arme lammetje dat de weg kwijt is geraakt doordat hij zo’n lief vlindertje achterna liep.”

Even later hield Simon het niet meer droog: hij had net zo'n slechte jeugd gehad als de verloren zoon. Wat herkende Simon zich goed in deze verhalen van Jezus!